Het restaurant van Martrin

Door: Kees Wijnen

Het restaurant van Martrin was altijd bron van hilariteit en achterklap. Martrin is een piepklein dorpje tussen de heuvels van de Aveyron, bestaande uit een prachtig kerkje met daar rondom heen een tiental boerderijen. De burgemeester doet zijn uiterste best om de leefbaarheid in het dorp in stand te houden. Het plaatselijke restaurant was meer een ‘Multi Service’ bestaande uit een restaurant, alimentation, point de poste en een point chaud. Dus de dorpelingen konden er een hapje eten, de eerste levensbehoeften aanschaffen, hun postzaken afhandelen en een vers stokbroodje kopen.
Het monumentale pand werd inclusief tuin en adembenemend uitzicht voor een habbekrats verhuurd aan een uitbater op voorwaarde dat hij alle vier de routines in leven hield. De uitbaters wisselden echter net zo snel als vliegen op een aardbeientaart.

Op een gegeven moment was het de beurt aan Sergio en Fabrice, een homostel uit de Provence. Sergio was een stoere, uit de kluiten gewassen kerel met enorme spierballen, altijd in spijkerbroek, geruit overhemd met korte mouwen en losgeknoopt tot aan zijn navel waar het borsthaar weelderig uitpulkte. Aan zijn vingers een stuk of vijf vette ringen en om zijn nek bungelde een zilveren ketting met een enorm kruisbeeld. Sergio stond in de keuken, niet zo zeer omdat hij kon koken, maar meer omdat hij meestal niet al te tactisch met zijn gasten omging, waar hij het dan ook regelmatig mee aan de stok had.
Fabrice was een mager alleraardigst ventje. Hij deed dribbelend de bediening. Klantvriendelijkheid ging hem veel beter af dan Sergio, mede door zijn vrouwelijke maniertjes.
Als wij er weer eens naartoe gingen, zat de burgemeester er meestal met zijn vrouw uitgebreid te dineren. Hij had klaarblijkelijk een dealtje met Sergio en Fabrice.
De commentaren varieerden van “prima gegeten, leuke plek” tot “Dat was de eerste en de laatste keer!”

Op een dag zag ik een aankondiging voor een soirée diner dansant. Een bandje zou de avond opvrolijken. Het leek ons een leuk idee om daar met onze gasten eens naartoe te gaan. Toen we aankwamen was Fabrice in alle staten.
“Het is vandaag mijn dag niet!” jammerde hij aangeslagen.
“Joh, wat is er aan de hand?” vroeg ik hem bezorgd.
“Mijn moeder is vannacht overleden!!” en hij barstte in tranen uit. Iedereen troostte hem. Even later namen we plaats. Van een bandje viel niets te bespeuren!
“Fabrice, het was toch diner dansant vanavond?”
“Ik zei toch dat het mijn dag niet was!” riep hij terneergeslagen. “De band is geboekt en betaald, maar Sergio heeft ze uitgescholden waar ze toch bleven en nu komen ze niet! Maar ik probeer nog iets anders te regelen.”
Rond een uur of tien kwam er een man met een accordeon, nam plaats en begon aan een serie tenenkrommende polka’s van deel 1 accordeon les. Zijn zang maakte het er allemaal niet beter op.
Een uur later werd er een drumstel bijgeplaatst.
“Goh, misschien wordt het nog iets.” hoopten we.
De accordeonist kreeg versterking van een meiske met blokfluit en een knaap die driftig het drumstel begon te martelen. Er klonk een zucht van verlichting als het trio even pauzeerde.
Fabrice rende ondertussen snikkend tussen de gasten door om iedereen van eten en drinken te voorzien.
Nog geen jaar later waren Sergio en Fabrice met de noorderzon vertrokken. Ze hadden slaande ruzie met de burgemeester!

Vervolgens was het de beurt aan 2 Italianen. Carlo met zijn vader. Carlo in de keuken en Papà deed de bediening.
Nieuwsgierig gingen we ernaar toe en de pizza’s waren werkelijk verrukkelijk.
“Leuk, een goede pizzeria in de buurt!” Iedereen was enthousiast!
Maanden later zouden we er met Franse vrienden gaan eten. Het werd een onvergetelijke belevenis!
Er waren geen andere gasten toen we aankwamen. Dat vond ik altijd jammer.
Papà kwam naar buiten om de bestelling op te nemen. We bestelden natuurlijk pizza’s en een karaf rode wijn.
“Scuse” antwoordde Papà “we hebben alleen nog flessen. Ik zal wel een lekker wijntje voor jullie uitzoeken.”
Buiten stond een speakerbox behoorlijk harde muziek te spelen. Toen Papà binnen was, draaide ik de speaker de andere kant op, zodat een gesprek weer mogelijk werd.
Even later kwam hij terug met een stoffige fles wijn en probeerde de kurk eruit te krijgen. Gaandeweg brokkelde hij helemaal af. Toen hij inschonk bleek de wijn bijna zwart.
“Die is niet goed!” dacht ik meteen.
“Dit is een heel bijzonder wijntje” zei Papà en liep weer naar binnen. Onderweg draaide hij de luidspreker weer onze kant op. Ik proefde voorzichtig de wijn. Die smaakte dus naar gistende port!
We riepen Papà terwijl ik de stukken kurk uitspuugde en zeiden dat de wijn toch echt bedorven was.
“Mille scuse!” riep hij, de wijn bestuderend “Ik haal een andere fles.”
Hij liep weer terug naar binnen. Even later hoorden we binnen een hoop tumult. Carlo had het duidelijk aan de stok met zijn vader en we konden meegenieten van een enorme scheldkanonnade.
“Figlio di puttana ci sei. Ti avevo avvertito così !“ bulderde Carlo.
“Non è così che parli a tuo padre, moccioso!“
Voorzichtig liep ik richting restaurant, draaide onderweg de speakerbox weer de andere kant op en deed zachtjes de deur dicht.
Een kwartier later kwam Papà weer naar buiten met een andere bestofte fles wijn. Ook deze was al ver over zijn hoogtepunt heen, maar we dachten “laat maar . . . “
We vroegen wanneer de pizza’s kwamen, we zaten inmiddels al een uur te wachten.
“Scuse!” riep Papà toen hij de luidspreker weer goed zette “Het zit allemaal een beetje tegen.”

“Se lo fai un’altra volta, ti riporto in Italia. Ti odio!” schalde het even later weer in de keuken
“eh, ti caccio fuori, buono a nulla!”
Ik deed maar weer eens de deur dicht en zette Eros Ramazzotti maar helemaal af door de stekker eruit te trekken.
Eindelijk kwamen dan de pizza’s, die ik mijn gasten al nadrukkelijk had aangeprezen.
Dat was een grote teleurstelling! De ene helft was gitzwart, de andere helft nauwelijks gebakken. Ze waren niet te eten!
Even later kwam Carlo de kok naar buiten.
“Alles goed hier? Smaken de pizza’s?”
Stomverbaasd deden wij dus een boekje open!
“Of het smaakt??!! Moet je kijken, gitzwart, alles verbrand! en tot overmaat van ramp serveer je ons tot 2 keer toe bedorven wijn!!
En dan is de ambiance hier niet bepaald gezellig met jullie geruzie!!”
Zonder iets te zeggen draaide hij zich om en stoof ziedend naar binnen, waar de scheldkanonnade zich weer hervatte.
Op het eind van de avond kwam Papà weer naar buiten om de pulp af te ruimen. Hij vroeg of we nog een dessert wilden. Hij had nog een heerlijke Tiramisu.
“Nee laat maar!” riepen wij in koor.
“Maak maar de rekening, we gaan weg en ik ga ervan uit dat jullie een ‘commerciële geste’ voor ons hebben na deze wanprestatie.”
Hij fronste zijn wenkbrauwen en liep op hoge poten naar binnen, alvorens verbaasd de stekker weer in de speaker box te stoppen.
Wederom een enorme scheldpartij binnen. Tien minuten later kwam hij ontstemd terug.
“Gaan jullie maar, ga maar weg! Jullie hoeven niks te betalen!! Basta!!” Hij draaide zich om en liep kwaad weer naar binnen.
We pakten onze spullen en keerden huiswaarts. Wat een avond was dit! In ieder geval wel een memorabele waar we het nog regelmatig over hebben!
Je begrijpt, de Italianen zijn inmiddels ook weer vertrokken.

Meer artikelen lezen van deze auteur? Klik HIER.

1 REACTIE

  1. Hallo Kees,

    We hebben enorm genoten van je boek, zo lekker vlot geschreven. Menigmaal hebben we gelachen om al je Franse avonturen. Je hebt me gevraagd om een reactie achter te laten op je website maar die hebben we nooit kunnen achterhalen. Misschien kun je je website vermelden zodat we alsnog een positieve reactie kunnen achterlaten. Op dit moment zijn we in Frankrijk en moesten weer aan jouw belevenissen denken en beseften we dat we nog niet eerder gereageerd hadden. Nogmaals bedankt voor al het leesplezier!

    Hartelijke groet Dick Smit

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf hier je reactie
Vul hier je naam in

Vorig artikelDe Franse belastingdienst
Volgend artikelWIJN

Verwante berichten