De truffelmarkt van Lalbenque

De truffel van Quercy heeft als bijnaam “De zwarte diamant van de Lot”, om zijn zeldzaamheid en zeer hoge verkoopwaarde. Het is een paddenstoel met ondergrondse vruchtvorming die in de winter geoogst wordt, met behulp van honden of varkens die speciaal hiervoor getraind zijn. De truffel groeit in de kalkgrond van de Causses van Quercy, aan de voet van truffelbomen als de eik of hazelaar.

De truffel van Quercy is erg lekker in een brouillade, omelet, salade of gewoon uit het vuistje met een beetje zout. Kan tevens andere gerechten parfumeren als de foie gras, paté of gevogelte.

In de winter worden er markten georganiseerd in de plaatsjes Limogne-en-Quercy, Martel en Lalbenque. Lalbenque, hoofdstad van de zwarte truffel van Quercy, heeft van december tot maart iedere dinsdagmiddag een truffelmarkt

Vroeger werden er behoorlijk veel truffels gevonden en in oude receptenboeken wordt er kwistig meegewerkt in gerechten zoals de “poularde demi-deuil” waarbij er schijven truffel worden gestopt onder de huid aan de bovenkant van een flinke kip die vervolgens gepocheerd wordt.

Door de intensieve landbouw en gebruik van chemicaliën, het uitbreiden van stadjes en wegen, zijn de oogsten minder uitbundig. Ten noorden van Lalbenque, in Grèzes, worden truffels “gekweekt” op een plantage van speciale bomen op kalkgrond.

Tegen het einde van de 19de eeuw werden er zo’n duizend ton aan truffels geoogst, nu is het eerder 30 tot 40 ton voor het hele land. Er zijn ook zwarte truffels in Spanje. De witte is voornamelijk in de Piemont in Italië rond het stadje Alba. De witte truffel is het best tegen november/december, de zwarte in januari en februari. Truffels van mindere kwaliteit zijn te vinden in andere landen in Oost-Europa en China. Er zijn heel wat mensen die proberen om goedkope truffels te verkopen alsof het de “echte” zijn….

     

De markt in Lalbenque wordt georganiseerd door het syndicaat van de truffelboeren. De verkopers, ieder met een officiële registratie en weging van hun aanbod, staan in een lange rij achter lage banken in de lengte van de hoofdstraat (die de truffelmarktstraat heet). Een gespannen koord houdt de geïnteresseerden –- toeristen en kopers –- op een afstand. Men kijkt in de mandjes, sommigen laten ruiken. Er worden signalen afgegeven en soms al een akkoordje gesloten. Maar wat opviel was dat de kopers samenschoolden om afspraken te maken over hoeveelheden en prijs.

Een van de verkopers zei dat men “een prijs in het hoofd heeft van waaruit de onderhandelingen beginnen”. De kwaliteit, geur, vorm enzovoort spelen een rol maar als de producenten echt meer geld willen hebben dan zou een veiling beter zijn –- danwel “Hollands” met dalende prijzen zoals bij de bloemenveiling of Brits met stijgende prijzen zoals bij Christie’s of Sotheby’s.

Nu stond er een lijn van dertig/veertig verkopers naast elkaar tegenover de kopers die heen en weer konden gaan. Om twee uur begon de markt voor amateurs, met wat truffels in plastic verpakking met het gewicht en de prijs er op. Een half uur later begon de “echte” markt. Er werd met een rode vlag gezwaaid en het gespannen touw werd weggehaald zodat er meer ‘contact’ kon zijn tussen de verkopers en kopers. Binnen vijf minuten werd er afgerekend en vertrok elke koper met zijn truffels en elke truffelboer met een leeg mandje. 

Dit artikel is gedeeltelijk van Marcel Michelson

 

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf hier je reactie
Vul hier je naam in

Verwante berichten