De buizerds van Chabreyres

De buizerds van Chabreyres,

Honden houden vast aan ‘oude gewoontes’. Daar is geen ontkomen aan en dus moet ik iedere ochtend met alle (dorps)honden mijn vaste ‘ommetje’ op het plateau maken. Je komt er trouwens bijna nooit iemand tegen maar nu liep ik Gui Renaud, een van mijn dorpsgenoten tegen het lijf.
Nou ja ‘tegen het lijf’ ,we hielden afstand.
Zo zit onze taal toch vol met de omgangs ‘normaliteit’.
Ik kom hem wel vaker tegen, want we houden allebei van het altijd veranderd licht, de ruimte, de vergezichten en de rondcirkelende buizerds, sperwers en wouwen.
En zo raakten we even aan de praat.
Toch was er iets raars, anders en opeens zag en hoorde ik het.
Hij had zijn gebit niet in. Misschien dacht hij ‘ik kom toch niemand tegen of zoiets’, of ‘waarom zou ik me nog verzorgen in deze tijd, wat maakt het uit’.
Tja zolang bestaat de ‘persoonlijke hygiëne’ hier nog niet in dit dal. Die is hier pas gekomen met de ‘moderniteit’.

In het begin van de vijftiger jaren waren Renaud’s met alle broers en zussen in Chabreyres terecht gekomen.
Het dorp was vergeleken met het boerenleven op het ruwe land aan de andere kant van de rivier een verademing.
Hier was tenminste elektriciteit en een dorpsschooltje en dat had de doorslag gegeven, want onderwijs is vooruitgang.
Herinneringen aan die tijd zijn er genoeg bij Gui, maar foto’s uit die tijd zijn zeldzaam.
En die handvol foto’s die er uit die tijd zijn heb ik toevallig in mijn bezit.
Ik heb ze gekregen van de stokoude Augusta die er verder toch niets mee deed.
Een tiental foto’s uit 1950, met voor mij onbekende gezichten met hun eigen opgesloten herinneringen aan hun leven dat ze vaak generaties lang hier sleten.

Het waren taaie levens hier met weinig comfort, dat kun je zo zien.
De grove grijze basalt en granieten boerderijtjes en schuren met het eeuwige stapels gekapt hout waarop gekookt en verwarmd werd. Het geploeter met het hele gezin op de verschroeiend hete akkers in de zomer.

Een dorpsleven zonder leidingwater want dat kwam hier pas in 1972 en zonder riolering want die kwam hier pas in 2000!
Allemaal vervaagde fragmenten van levens die eigenlijk alleen maar voor wie er bij was betekenis hadden, maar die toch ergens, ook al was je er zelf geen onderdeel van, de ‘ziel’ vormen van de plek waar je nu al jarenlang woont.

Ach ja dat was toen! En nu staan we daar en praten zo’n beetje over de situatie , over de winkels en de bedrijven in Monastier daarginds. Hij is altijd elektricien geweest, kent iedereen en is vorige jaar gepensioneerd .

Dan zegt hij, ‘ik weet niet hoe het met jou is maar ik volg het nieuws niet meer….ik word er alleen maar somber van’.
Hij heeft gelijk want ook ik betrap me erop dat ik helemaal geen zin meer heb in al die rampen berichten die maar over elkaar heen rollen van dichtbij tot helemaal aan de andere kant van de wereld in gebieden waar we toch nooit heen zullen gaan. Wat moet je er allemaal mee.
Een paar kauwen vallen een rondvliegende buizerd aan. Dat doen ze georganiseerd zegt Gui, ze kennen hun sterke kanten en weten hoe ze hem op de vlucht kunnen jagen.
Nou wij nog met dat virus zegt hij…maar die zie je niet.
En zo gaan we maar ‘welgemoed’ de nieuwe week in. Nog een paar dagen dan is het ‘zomertijd’ ik houd er wel van ‘s avonds langer licht.

 

Gerard D’Olivat

Verwante berichten

De vloggende bestemming

Na een complete metamorfose van mijn brandweercamper, waar vele uurtje werk in hebben gezeten is het nu tijd om de hort op te gaan...

Verhaaltje over paddestoelen (Asjha vd Akker)

Er zwaait een oude vrouw in regenjas naar ons, maar ik herken haar niet. Als we dichterbij komen zie ik dat het onze buurvrouw...

Even…

  In La France Profonde is er in elk geval één Nederlands woord waar geen vertaling voor bestaat en dat is ‘even’. Er gaat hier...

De Franse kus

De eerste keer dat ik in aanraking kwam met de Zuid-Europese zoen-gewoonte was toen ik in het Utrechts volwassenenonderwijs een klasje met Engels-lerenden had....